Praktijk voor psychologische begeleiding
“Je behoort toe aan jezelf. We hebben je uitgenodigd om op deze aarde te komen, ons te vergezellen. Nu je hier bent, heb je recht op jouw deel van alles wat tot onze familie behoort.
Je hebt recht op alle hulp die je wilt hebben zodat jij je mogelijkheden kunt ontvouwen, jezelf te leren kennen en je eigen plek op deze aarde te vinden.”
C. and T., 2005
Ouder en kind
Empathie
Empathie is het vermogen je in te leven in de gevoelens en gedachten van de ander. Het gebruik van empathie is een benaderingswijze die duidelijk verschilt van andere manieren om een kind (of een volwassene) te bejegenen.
Die andere manieren zijn bijvoorbeeld het gebruik van medicijnen om het gedrag en de stemming van het kind (of de volwassene) te veranderen door het effect ervan op het brein. Of cognitieve methoden die bedoeld zijn de gedachten en overtuigingen van het kind (of de volwassene) te veranderen. Of gedragstechnieken, zoals het gewenste gedrag belonen en het niet-gewenste gedrag negeren of bestraffen. Al deze interventies zijn subtiele manieren om het kind (of de volwassene) zover te krijgen dat het doet wat zijn ouders (of hulpverleners) van hem willen. Het kind (of de volwassene) voelt zich hierdoor gemanipuleerd.
De empathische benadering is gebaseerd op de veronderstelling dat door tegemoet te komen aan de emotionele behoeften van het kind psychische of gedrags problemen vroeg of later in het leven voorkomen kunnen worden. Het beoogt de kwaliteit van het leven van het kind te verhogen door tegemoet te komen aan zijn of haar behoeften. Een tekort aan empathie in de omgang met het kind betekent dat ouders de emotionele binnenwereld van hun kind niet (goed) begrijpen. Zonder dit begrip kan het gedrag van het kind als onredelijk of afwijkend gezien worden.
Doel begeleiding
Doel van de begeleiding van ouders en kinderen is ouders te helpen zich in te leven (empathie te ontwikkelen) in wat het kind denkt en voelt. Anders gezegd, het leren raden wat er in het kind omgaat, zijn gevoelens van betekenis te voorzien en hierop adequaat in te spelen. Elke vorm van opvoeding en moraal wordt hierbij achterwege gelaten. Tegelijkertijd brengt inleving bij de ouders een proces op gang dat leert het eigen gedrag te reflecteren en in verbinding te brengen met de onvervulde behoeften uit de eigen kindertijd. In de omgang met je kind wordt namelijk het kind in jezelf geactiveerd en daarmee ook oude niet doorleefde ervaringen. Zonder het te beseffen herhaal je met je kind dikwijls wat je zelf als kind hebt meegemaakt. Voorwaarde voor effectieve begeleiding is dat je oprechte interesse hebt in de gevoelswereld van je kind.
Om je een indruk te geven van de zienswijze klik op:
Voorbeeld 1
Voorbeeld 2
Behoort toe aan zichzelf
Een kind komt niet op de wereld om ons ouders gelukkig te maken, het leven zin te geven of om een betere wereld te realiseren, maar omwille van zichzelf. Een kind is niet het verlengstuk van zijn ouders maar apart en uniek en kan daarom heel anders tegen dingen aankijken dan zijn ouders doen en het is noodzakelijk dat het daar ook alle gelegenheid voor krijgt. Het kind is een afzonderlijk persoon in wording en moet op kunnen groeien in een omgeving waarin het zich vrij kan uiten en waar zijn wil niet wordt onderdrukt.
Om zich goed te kunnen ontwikkelen heeft het kind de begeleiding van een volwassene in zeer sterke mate nodig. Een volwassene die zich kan inleven in wat een kind denkt en voelt. Een vaste persoon die het ziet en begrijpt, het lief heeft en waardeert en het respecteert om wie het zelf is. Hieruit volgt dat er geen plaats is voor allerlei trucjes, foefjes of straf om het kind naar de eigen hand te zetten.
Integriteit
Wanneer het kind niet de gelegenheid krijgt zich tot een afzonderlijke persoon te ontwikkelen dan kan zijn integriteit blijvend worden beschadigd. Het moet zijn eigen gevoelens en behoeften onderdrukken en als reactie op deze traumatische ervaringen zal het bepaalde gedragspatronen ontwikkelen. Zo kan het bijvoorbeeld druk gedrag gaan vertonen als het zich niet begrepen voelt of gefrustreerd wordt in zijn behoeften of juist heel rustig worden. Dan is er sprake van een verstoorde emotionele communicatie tussen ouder en kind. Het kind voelt zich dan onveilig, onzeker en alleen en het voelt boosheid, woede en verdriet. Als deze gevoelens niet begrepen worden en het moet ze onderdrukken dan kan dat zich op enig moment uiten in agressief gedrag jegens anderen of zichzelf. Vroeg of later in het leven kan het onderdrukken van gevoelens en emoties ernstige schade toebrengen aan de lichamelijke gezondheid.
Invoelen
Om het kind goed te kunnen begeleiden en het te helpen zijn eigen weg te vinden moeten we kunnen invoelen in wat het kind voelt en denkt. Dat gaat echter niet vanzelf, omdat we zelf een dergelijke bejegening van onze eigen ouders niet hebben gekregen en we met zulke ervaringen dus ook niet vertrouwd zijn geraakt. Identificatie vereist dat we moeten weten wie we zelf zijn en wat onze eigen gevoelens en behoeften zijn. Gevoelig worden voor onze eigen gevoelens en behoeften als kind is nodig om gevoelig te kunnen worden voor die van onze kinderen.